Wegwerphandschoenen, winterhandschoenen, snijbestendige handschoenen; met honderden verschillende handschoenen kunnen wij ons goed voorstellen dat het niet gemakkelijk is om de juiste uit te kiezen. Welke past bij uw situatie? Hieronder hebben wij de opties op een rij gezet, zodat u een stuk gemakkelijker een keuze kunt maken.
In het kort
Welke werkhandschoen u nodig heeft, hangt af van de risico’s in uw werk. Denk aan schuren, snijden, hitte, kou, nattigheid, chemicaliën en stroom. Kies daarom eerst uw taak. Kijk daarna naar de eigenschappen die daarbij horen, zoals de coating, de dikte en de lengte van de manchet. De pictogrammen op de handschoen laten zien waartegen de handschoen beschermt. Bij de meeste pictogrammen geldt: hoe hoger het cijfer, hoe beter de bescherming. Loopt u meerdere risico’s tegelijk? Kies dan een handschoen met een pictogram voor elk risico. Wij helpen u graag bij het kiezen van een goede werkhandschoen voor uw taak.
Werkhandschoenen per taak
Welke handschoen het beste bij u past, hangt van uw werk af. Bij de ene taak is grip het belangrijkst, bij de andere de bescherming tegen snijden, kou of chemicaliën. Zoek hieronder de taak waarvoor u de handschoen gebruikt. Per taak leest u waar u op let.
Bouw, sjouwen en grof werk
Bij het sjouwen van stenen, hout en ijzer slijt een handschoen vooral op de palm en de vingers. Kies daarom een handschoen met een hoge schuurweerstand. Die ziet u aan het eerste cijfer onder het EN 388-pictogram: hoe hoger het cijfer, hoe langer de handschoen meegaat.
Leren handschoenen zijn stevig en beschermen goed tegen ruwe materialen. Een gebreide handschoen met een coating is ook een goede keuze: die geeft meer grip en ademt beter. Werkt u vaak in krappe ruimtes? Kies dan een handschoen met rubberen beschermers op de handrug en de vingers. Die vangen stoten op. U herkent zo’n handschoen aan de letter P aan het eind van de EN 388-code. Bekijk hier alle werkhandschoenen voor de bouw.
Montage en fijn werk
Bij montagewerk pakt u vaak kleine onderdelen vast, zoals schroeven, stekkers en ringetjes. Daarom is gevoel in de vingertoppen belangrijk. Kies een dunne, gebreide handschoen die strak om uw hand zit. Het gauge-getal laat zien hoe fijn de handschoen is gebreid: hoe hoger het getal, hoe dunner de handschoen en hoe meer u voelt. Voor fijn werk raden wij aan om te kiezen voor 15 of 18 gauge.
Een handschoen van alleen breisel is wel glad: kleine onderdelen van metaal of kunststof glijden er makkelijk uit. Daarom heeft een goede montagehandschoen een dunne coating op de palm en de vingertoppen. Die geeft grip, zonder dat de handschoen veel dikker wordt. Werkt u met droge onderdelen? Kies dan een PU-coating: die is het dunst en geeft het meeste gevoel. Werkt u met olie of vet, zoals in een werkplaats? Kies dan een nitrilcoating, want die houdt ook grip op vette oppervlakken. Let verder op de maat: in een te ruime handschoen verliest u grip en precisie. Bekijk hier alle montagehandschoenen.
Werken met scherpe materialen
Werkt u met scherpe materialen, zoals glas, plaatstaal of messen? Dan heeft u een snijbestendige handschoen nodig. Deze handschoenen zijn gebreid van sterke vezels, zoals HPPE of glasvezel. Een mes snijdt daar minder snel doorheen.
Welke snijbestendige handschoen u nodig heeft, ziet u aan de snijklasse: de letter A tot en met F onder het EN 388-pictogram. Voor karton en kleine scherpe delen is B of C vaak genoeg. Voor glas en plaatstaal kiest u D, E of F. Werkt u met plaatwerk? Kies dan ook een handschoen met een lange manchet, zodat uw polsen beschermd zijn. Bekijk hier alle snijbestendige handschoenen.
Magazijn en logistiek
In het magazijn pakt u vaak dozen, pallets en folie vast. Daarom heeft u vooral grip en comfort nodig. Kies een gebreide handschoen met een coating op de palm. Die houdt grip op glad karton. Omdat de rugzijde open blijft, ademt de handschoen goed. Zo zweten uw handen minder, ook als u de handschoen urenlang draagt. Bekijk hier alle gripverhogende werkhandschoenen.
Snijdt u vaak dozen open of werkt u met spanbanden? Kies dan een snijbestendige handschoen met snijklasse B of C.
Lassen en slijpen
Bij het lassen moet de handschoen u beschermen tegen vonken, spatten en hitte. Kies een lashandschoen van leer met een lange manchet die over uw mouw valt. Lashandschoenen zijn getest volgens EN 12477. Die norm kent twee typen.
Type A beschermt het meest tegen hitte en spatten. Deze handschoenen zijn geschikt voor MIG/MAG- en elektrodelassen. Type B is dunner en geeft meer gevoel, bijvoorbeeld bij TIG-lassen. Bij slijpen volstaat meestal een stevige leren handschoen die u tegen de vonken beschermt. Bekijk hier alle lashandschoenen.
Werken met hitte
Pakt u hete onderdelen vast? Kies dan hittebestendige handschoenen. Deze handschoenen zijn gemaakt van leer of aramide, of hebben een dikke voering die de warmte tegenhoudt.
Controleer op het pictogram of de handschoen getest is volgens EN 407. Het tweede cijfer gaat over contactwarmte: hoe hoger het cijfer, hoe heter het voorwerp mag zijn dat u vastpakt. Kies daarnaast een handschoen met een lange manchet, zodat ook uw polsen beschermd zijn. Houd de handschoen verder droog: nat materiaal geleidt hitte veel sneller. Bekijk hier alle hittebestendige handschoenen.
Buiten werken in de kou
Werkt u lang buiten in de kou? Dan worden uw handen stijf en onhandig, waardoor de kans op een ongeluk toeneemt. Kies daarom een gevoerde winterhandschoen, bijvoorbeeld met een voering van acryl of fleece. Op een winterhandschoen die getest is volgens EN 511, staat een pictogram van een sneeuwvlok met drie cijfers. Welke cijfers u nodig heeft, hangt af van uw werk:
- Buiten in wind en vorst: kies een 2 of hoger als eerste cijfer. Staat u lang stil, bijvoorbeeld als verkeersregelaar? Kies dan een 3 of 4.
- Koude materialen vastpakken: pakt u bijvoorbeeld steigerbuizen of bevroren metaal vast? Kies dan een 2 of hoger als tweede cijfer. Werkt u in een vriescel, dan is een 3 of 4 beter.
- Werken in regen of natte sneeuw: kies een 1 als derde cijfer. Die 1 betekent dat er na 30 minuten in de test nog geen water door de handschoen is gekomen. Staat er een 0? Dan laat de handschoen water door en verliest deze nat een deel van de isolatie.
Een hoger cijfer betekent meestal een dikkere handschoen en dus minder gevoel. Kies daarom een cijfer dat bij uw werk past. Bekijk hier alle winterwerkhandschoenen.
Nat werk
Bij nat werk is een gewone gebreide handschoen geen goede keuze. Het water trekt door het breisel heen, waardoor uw handen nat en koud worden. Kies daarom een waterdichte handschoen van latex, nitril of PVC. Ook een gebreide handschoen met een coating over de hele hand houdt water tegen.
Werkt u vaak met water? Kies dan voor latex: dat materiaal blijft soepel en geeft veel grip. Komt er ook olie of vet bij kijken, zoals bij nat werk aan machines? Kies dan voor nitril, want dat is beter bestand tegen olie. Let ook op de buitenkant van de handschoen. Een ruwe coating houdt beter grip op natte stenen en buizen. Zo glijdt er minder snel iets uit uw handen. Bekijk hier alle waterdichte werkhandschoenen.
Werken met chemicaliën
Chemicaliën kunnen door een handschoen heen trekken, zonder dat u het merkt. Kies daarom een chemische handschoen die getest is volgens EN ISO 374-1. De letters onder het pictogram laten zien tegen welke stoffen de handschoen is getest.
Geen enkel materiaal beschermt tegen alles. Nitril werkt goed bij olie en een deel van de oplosmiddelen, neopreen bij zuren en logen. Controleer daarom altijd of uw stof op de handschoen of in de productinformatie staat. Let ook op de doorbraaktijd: zo lang duurt het voordat de stof door de handschoen heen komt. Is die tijd voorbij? Trek dan een nieuw paar aan. Bekijk hier alle chemische handschoenen.
Schilderen en schoonmaken
Bij het schilderen en schoonmaken wilt u vooral voorkomen dat verf en vuil op uw huid terechtkomen. Een wegwerphandschoen van nitril is daarvoor vaak de beste keuze. Nitril is sterker dan latex en zit strak om uw hand. Daardoor voelt u de kwast of de doek goed. Gooi wegwerphandschoenen na één keer gebruik weg, ook als ze nog heel lijken.
Werkt u langer met agressieve schoonmaakmiddelen of oplosmiddelen? Kies dan een chemische handschoen volgens EN ISO 374. Bekijk hier alle werkhandschoenen voor schilders en alle schoonmaakhandschoenen.
Werken met voedsel
Pakt u eten met de hand vast? Gebruik dan voedselveilige handschoenen. Die geven geen schadelijke stoffen af aan het eten. U herkent ze aan het symbool van een glas en een vork.
Voor het bereiden en verpakken van eten kiest u wegwerphandschoenen van nitril. Werkt u met messen? Kies dan een snijbestendige handschoen die ook voedselveilig is. Voedselhandschoenen zijn vaak blauw, omdat die kleur bijna niet in eten voorkomt. Een losgeraakt stukje handschoen valt zo meteen op. Bekijk hier alle voedselveilige handschoenen.
Werken met elektrische installaties
Werkt u aan installaties onder spanning of in de buurt daarvan? Dan heeft u isolerende handschoenen volgens EN IEC 60903 nodig. Gewone werkhandschoenen beschermen namelijk niet tegen stroom.
Isolerende handschoenen zijn er in verschillende klassen. Klasse 00 is geschikt tot 500 volt wisselspanning, klasse 0 tot 1.000 volt. Voor hogere spanningen lopen de klassen door tot en met klasse 4. Draag over de isolerende handschoen een leren handschoen. Die beschermt het rubber tegen scherpe randen en gereedschap, want één klein gaatje laat al stroom door. Controleer de handschoenen daarom voor elk gebruik op gaatjes en scheurtjes. Laat ze daarnaast regelmatig keuren, meestal elke zes maanden.
Tuinieren en groenonderhoud
In de tuin werkt u met aarde, vocht en doornen. Kies daarom een gebreide handschoen met een latex- of nitrilcoating. Die geeft grip op stelen en takken en houdt vuil tegen. Het breisel aan de achterkant laat uw hand ademen.
Doornen prikken wel makkelijk door het breisel heen. Snoeit u rozen of stekelige struiken? Dan beschermt een leren handschoen beter. Als u vaak onder natte omstandigheden werkt, kiest u het beste een handschoen met een coating over de hele hand. Bekijk hier alle tuinhandschoenen voor tuinieren en groenonderhoud.
Meerdere risico’s bij één taak
Soms loopt u bij één klus meerdere risico’s tegelijk. Kies dan een handschoen die tegen al die risico’s beschermt. Dat leest u af aan de pictogrammen: op de handschoen staat voor elk risico een eigen pictogram. Deze combinaties komen vaak voor:
- Kou en nat: kies een gevoerde winterhandschoen met een waterdichte coating. Controleer of er een 1 als derde cijfer onder het EN 511-pictogram staat. Bekijk hier alle winterwerkhandschoenen.
- Snijden en olie: kies een snijbestendige handschoen met een nitrilcoating. Daarmee houdt u grip als u met olie werkt. Bekijk hier alle snijbestendige handschoenen met een nitrilcoating.
- Hitte en snijden: kies een handschoen van aramide. Dat materiaal is bestand tegen hitte én tegen snijden. Controleer of de handschoen getest is volgens EN 388 en EN 407.
- Chemicaliën en snijden: kies een chemische handschoen die ook snijbestendig is. Op die handschoen staan twee pictogrammen: EN ISO 374 voor chemicaliën en EN 388 voor snijden. Onder het EN 388-pictogram staat een code, bijvoorbeeld 4X42C. Kijk naar de letter na de eerste vier tekens. Voor scherp werk kiest u een C of hoger (D, E of F). Een A is alleen geschikt voor licht snijwerk. Staat er een X? Dan is de handschoen niet volgens deze methode op snijden getest.
Zo leest u de codes op een werkhandschoen
Op de meeste werkhandschoenen staan pictogrammen met cijfers of letters. Elk pictogram hoort bij een norm en laat zien tegen welke risico’s de handschoen beschermt. Bij de cijfers geldt: hoe hoger het cijfer, hoe beter de bescherming. Een X betekent: niet getest. Bij chemische handschoenen staan de letters voor de stoffen waartegen de handschoen is getest.
| Pictogram | Wat de code betekent | Waar u op let |
|---|---|---|
| Schild met hamer EN 388: schuren, snijden en prikken |
Vier cijfers en een letter, bijvoorbeeld 4X42C. 1e cijfer: schuren (1 tot 4) 2e cijfer: snijden, oude test (1 tot 5) 3e cijfer: scheuren (1 tot 4) 4e cijfer: doorprikken (1 tot 4) Letter: snijden, nieuwe test (A tot en met F) Een P aan het eind: bescherming tegen stoten |
Sjouwt u veel? Kies een 3 of 4 als eerste cijfer. Werkt u met scherpe materialen? Kies een C of hoger als letter. |
| Vlam EN 407: hitte en vuur |
Zes cijfers. Voor de meeste taken is het 2e cijfer het belangrijkst: contactwarmte. Dat cijfer laat zien tot welke temperatuur de handschoen u minstens 15 seconden beschermt als u een heet voorwerp vastpakt: 1 = 100 °C 2 = 250 °C 3 = 350 °C 4 = 500 °C |
Kies een 2e cijfer dat past bij de temperatuur van wat u vastpakt. |
| Sneeuwvlok EN 511: kou |
Drie cijfers. 1e cijfer: koude lucht (0 tot 4) 2e cijfer: koude voorwerpen vastpakken (0 tot 4) 3e cijfer: waterdicht (0 of 1) |
Werkt u buiten in de winter? Kies een 2 of hoger als eerste cijfer. Werkt u ook in de regen? Kies een 1 als derde cijfer. |
| Erlenmeyer (laboratoriumfles) EN ISO 374: chemicaliën |
Een type en een rij letters. Elke letter staat voor een geteste stof. Type A: beschermt tegen minstens 6 stoffen, elk minstens 30 minuten Type B: beschermt tegen minstens 3 stoffen, elk minstens 30 minuten Type C: beschermt tegen minstens 1 stof, minstens 10 minuten |
Zoek de letter van uw stof. Bijvoorbeeld: K = natronloog (40%) en L = zwavelzuur (96%). Staat uw stof er niet bij? Kies dan een andere handschoen of vraag ons om advies. |
Service van Bowork
Wij hebben meer dan honderd werkhandschoenen voor allerlei soorten werk: van wegwerphandschoenen tot vlamvertragende handschoenen. In het overzicht filtert u eenvoudig op de eigenschappen die voor uw werk belangrijk zijn. Zo vindt u snel een handschoen die u goed beschermt.
Twijfelt u welke handschoen u nodig heeft? Neem dan gerust contact met ons op. U kunt de werkhandschoenen ook vrijblijvend aantrekken in onze showroom in Bunschoten-Spakenburg. Onze ervaren specialisten geven u daar graag persoonlijk advies.
Bestelt u op een werkdag vóór 16.00 uur? Dan versturen wij uw bestelling dezelfde dag nog, als het artikel op voorraad is. Bestel uw werkhandschoenen bij Bowork en profiteer van scherpe prijzen en een snelle levering.
De cijfers en letters onder het EN 388-pictogram laten zien hoe goed de handschoen beschermt tegen schuren, snijden, scheuren en doorprikken. De volgorde is altijd:
schuurweerstand (1 tot 4), snijweerstand volgens de coup-test (1 tot 5), scheurweerstand (1 tot 4) en doorprikweerstand (1 tot 4).
Daarna volgt een letter van A tot en met F voor de snijweerstand volgens EN ISO 13997, en soms een P voor bescherming tegen stoten. Staat er een X? Dan is die eigenschap niet getest of niet van toepassing.
Hoe hoger het cijfer of hoe verder de letter in het alfabet, hoe beter de handschoen beschermt. De pictogrammen voor hitte (EN 407) en kou (EN 511) werken ook met cijfers. Bij chemische handschoenen (EN ISO 374) staan de letters juist voor de stoffen waartegen de handschoen is getest.
Welke snijklasse u nodig heeft, hangt af van met welk materiaal u werkt.
- A: licht werk zonder scherpe randen, zoals inpakken en tuinieren;
- B: magazijnwerk en het openen van dozen;
- C: montage en het hanteren van kleine onderdelen;
- D: werken met plaatstaal en scherpe metalen delen;
- E: glas plaatsen en werk in de autobranche;
- F: veel risico, zoals plaatglas, metaal stansen en recycling.
Hoe hoger de letter, hoe beter de bescherming.
Het verschil zit vooral in grip, slijtvastheid en vingergevoel. Nitril is sterk en bestand tegen olie en vet. Daardoor is het ideaal voor monteurs en voor werk in een werkplaats. Latex is soepel, geeft veel grip en is populair in bijvoorbeeld de bouw en de tuin. Let wel op: latex kan allergische reacties geven en is minder geschikt bij contact met olie. PU is een dunne, lichte en flexibele coating. Die geeft veel gevoel in de vingers bij precisiewerk met droge onderdelen.
Vervang uw werkhandschoenen zodra ze beschadigd of versleten zijn, of minder grip geven. Controleer daarom regelmatig of de coating nog heel is. Gaten, scheuren of losse naden zijn ook een duidelijk teken dat de handschoen aan vervanging toe is. Wegwerphandschoenen vervangt u na elk gebruik. Voor andere handschoenen is er geen vaste termijn: hoe lang een handschoen meegaat, hangt af van hoe vaak u de handschoen draagt en wat voor werk u doet. Zijn werkhandschoenen nodig volgens de RI&E? Dan moet uw werkgever ze kosteloos beschikbaar stellen en ook vervangen als ze versleten zijn.