Bij het schuren van stucwerk, het zagen van stenen of het werken met hooi en stro komt veel fijnstof vrij. Dat stof ziet u vaak niet eens, maar het komt wel diep in uw longen terecht. Een stofmasker is dan onmisbaar. Maar welke kiest u: FFP1, FFP2 of FFP3? Wat is het verschil tussen een masker met en zonder ventiel? En wanneer heeft u een halfgelaatsmasker met filters nodig? Bij Bowork krijgen we deze vragen dagelijks van schilders, stratenmakers, timmerlieden en boeren. In deze blog leggen we het uit.

Weet u al wat u zoekt? Bekijk dan direct al onze ademhalingsbescherming.

In het kort: Stofmaskers voldoen aan de norm EN 149 en zijn er in drie klassen: FFP1, FFP2 en FFP3. Hoe hoger het getal, hoe meer stof het masker tegenhoudt. FFP1 is geschikt voor hinderlijk, niet-giftig stof, FFP2 voor de meeste klussen met fijnstof en FFP3 voor zeer schadelijk stof, zoals kwartsstof en hardhoutstof. Een stofmasker beschermt alleen tegen deeltjes, niet tegen gassen en dampen. Daarvoor heeft u een masker met het juiste gasfilter nodig. Een masker beschermt alleen goed als het goed aansluit op uw gezicht.

Waarom is adembescherming belangrijk?

Fijnstof is zo klein dat het via uw neus en keel diep in de longen komt. Bij langdurige blootstelling kan dat leiden tot klachten als hoesten en benauwdheid, maar ook tot ernstige longziekten. Kwartsstof, dat vrijkomt bij het zagen, slijpen en boren in steen, beton en tegels, kan zelfs silicose en longkanker veroorzaken. Ook houtstof van hardhout is kankerverwekkend. Omdat de schade vaak pas na jaren zichtbaar wordt, is het belangrijk om u vanaf het begin goed te beschermen.

Het verschil tussen FFP1, FFP2 en FFP3

Stofmaskers worden getest volgens de Europese norm EN 149. Daarbij wordt gekeken hoeveel stof het filter tegenhoudt en hoeveel lucht er langs de randen naar binnen lekt. In de praktijk wordt per klasse een beschermingsfactor aangehouden: die geeft aan hoeveel keer de grenswaarde van een stof het masker nog veilig aankan.

Klasse Filtert minimaal Beschermingsfactor (vuistregel) Geschikt voor bijvoorbeeld
FFP1 80% van de deeltjes 4 keer de grenswaarde Hinderlijk, niet-giftig stof, zoals bij vegen
FFP2 94% van de deeltjes 10 keer de grenswaarde Schuren van gips en stucwerk, zachthout, cement, stof van hooi en stro
FFP3 99% van de deeltjes 30 keer de grenswaarde Kwartsstof, hardhoutstof, lasrook en zeer fijn of giftig stof

Twijfelt u tussen twee klassen? Kies dan de hogere. Bekijk al onze stofmaskers.

Wat betekenen NR, R, D en het ventiel?

  • NR (non-reusable) – Het masker is bedoeld voor één dienst en gooit u daarna weg.
  • R (reusable) – Het masker kan langer dan één dienst worden gebruikt, mits het schoon en onbeschadigd is.
  • D (dolomiet) – Het masker is extra getest op dichtslibben. Het blijft langer goed ademen bij veel stof.
  • Uitademventiel – Een ventiel laat de warme, vochtige uitgeademde lucht snel naar buiten. Het masker blijft daardoor koeler en uw bril beslaat minder. Bij langdurig en zwaar werk is een masker met ventiel daarom prettiger.

Stof, gassen of dampen?

Een stofmasker houdt alleen deeltjes tegen. Tegen gassen en dampen, zoals van oplosmiddelen, verf, lijm of ammoniak, beschermt het niet. Daarvoor gebruikt u een halfgelaatsmasker (EN 140) met een gasfilter (EN 14387). De letter op het filter geeft aan waartegen het beschermt:

  • A (bruin) – Organische gassen en dampen, bijvoorbeeld van verf, lak en oplosmiddelen.
  • B (grijs) – Anorganische gassen, zoals chloor.
  • E (geel) – Zure gassen, zoals zwaveldioxide.
  • K (groen) – Ammoniak, bijvoorbeeld in de veehouderij.

Moet u zich tegen stof én dampen beschermen, zoals bij het spuiten van verf, dan kiest u een combinatiefilter, bijvoorbeeld A2P3. Voor langdurig werk bestaan er ook ademhalingssystemen met een motor, die gefilterde lucht in een kap of helm blazen.

Let op: bij het mixen van mest kunnen gevaarlijke gassen vrijkomen, zoals zwavelwaterstof. Een stofmasker beschermt daar niet tegen. Zorg voor goede ventilatie en blijf uit de buurt van de mestput tijdens het mixen.

Zo zit uw stofmasker goed

Een stofmasker beschermt alleen als er geen lucht langs de randen naar binnen lekt. Let daarom op het volgende:

  • Zet het masker goed op – Plaats het masker over neus en kin, trek de banden over uw hoofd en druk de neusbeugel met beide handen aan op uw neusrug.
  • Controleer de afsluiting – Leg uw handen over het masker en adem krachtig uit. Voelt u lucht langs de randen, zet het masker dan opnieuw op.
  • Glad geschoren – Een baard of stoppels zorgen ervoor dat het masker niet goed afsluit. Draagt u een baard, dan is een ademhalingssysteem met kap een betere keuze.
  • Vervang op tijd – Vervang het masker als het beschadigd of vuil is, of als het zwaarder wordt om door te ademen.

Werkt u vaak met een stofmasker? Dan is een fit-test aan te raden. Daarbij wordt gecontroleerd of het masker goed op uw gezicht aansluit.

Adembescherming per beroep

In onze beroepsartikelen leest u welke adembescherming er bij het werk hoort, bijvoorbeeld voor de schilder en stukadoor, de stratenmaker, de timmerman, de lasser en de boer.

Lees ook:

Service van Bowork

Voor goede adembescherming bent u bij Bowork aan het juiste adres! Wij hebben stofmaskers van OXXA en 3M, halfgelaatsmaskers en filters van Spasciani en ademhalingssystemen van 3M Versaflo. Twijfelt u welk masker of filter u nodig heeft? Onze specialisten helpen u graag.

Bestel uw adembescherming online of in onze showroom in Bunschoten-Spakenburg, in de buurt van Amersfoort. Hier vindt u meer dan 1.000 verschillende PBM's, waaronder werkschoenen, werklaarzen en werkkleding.

Verder leveren wij uw bestelling snel. Op werkdagen voor 16 uur besteld is dezelfde dag verzonden. Door ons brede aanbod en snelle levering slaagt u bij Bowork altijd!